Het overkomt me niet vaak of eigenlijk: tot nu toe is het me nog nooit overkomen dat een filosofieboek me zo raakt. Op pagina vier was het al raak: Mark Rowlands, de schrijver, maar vooral ook eigenaar van Brenin, de wolf, is dan op weg naar de dierenarts om Brenin te laten inslapen. Brenin ligt achterin de Jeep. Brenin hoort niet te liggen, Brenin staat altijd in de auto en Mark hoopt, tegen beter weten in, dat Brenin nog een keer gaat staan. Dan kan hij omkeren en naar huis gaan en is dit n...

Continue reading ...